Organisatie zorgbeleid

Hoe we ons zorgbeleid organiseren .

In de school moet er een structuur zijn die alle leerlingen kan opvangen.

Het volledige schoolteam staat dan ook in voor het waar maken van onze visie.

De klastitularis is de spilfiguur en de deskundige voor zijn groep leerlingen. Hij/zij is de eerste verantwoordelijke in de zorg voor elk kind van de klas. Hij/zij zorgt voor een warm en positief klasklimaat, voert flexibele werkvormen in en werkt preventief, differentiërend en remediërend. Hij/zij begeleidt de kinderen binnen de groep. In de dagdagelijkse praktijk wordt dus aan zorg gedaan.

Dit gebeurt zo in de lagere klassen:

In alle klassen gebeurt "Zorg" de hele dag door. Op elk moment staan wij klaar om te helpen waar nodig. Maar naast deze "steeds aanwezige zorg" is er ook nog meer geplande zorg.

In de lagere school is het nodig om op elk moment te kunnen differentiëren. Ieder kind moet vooruitgang kunnen boeken op eigen tempo en niveau. Dit kunnen we pas bekomen door aangepaste leerstof en materialen aan te bieden. Uiteraard zijn er een aantal algemene zaken die worden toegepast en dan ook voor elk vak specifiek. (zie zorgdocument)

In eenzelfde les wordt heel vaak gewerkt op drie niveaus.

Na de klassikale instructie gaat een groep kinderen individueel aan het werk(abstract niveau), terwijl een andere groep verder door de leerkracht wordt begeleid. Dit kan gaan om extra instructie,werken met ander materiaal (concreet niveau) ,een schematische voorstellinggebruiken(schematisch niveau) of om het veelvuldig verwoorden van de oefeningen en oplossingsstrategieën. Speciale aandacht wordt hier besteed aan het correct leren verwoorden.

Deze eenvoudige maatregelen helpen al heel wat bij het differentiëren. 
  • Veelvuldig verwoorden: sommige leerlingen krijgen hier extra kansen toe.
  • Sommige leerlingen zitten dichter bij de juf: zo is er onmiddellijke controle na het geven van een opdracht en kan ze sneller ingrijpen indien nodig.
  • Sommige leerlingen zitten dicht bij elkaar zodat snel heterogene groepen kunnen gemaakt worden voor bijvoorbeeld lezen of rekenen.
  • Uitdagende opdrachten voor leerlingen die klaar zijn met basisopdrachten.
  • Zelfinstructiefiches. 
  • Leerlingen MOGEN oefeningen maken met materiaal of schematisch tekenen. Kunnen dit zelf kiezen door eventueel gebruik te maken van de open kasten. 
  • Sommige leerlingen met laag zelfvertrouwen extra aanmoedigen als ze een positieve inbreng doen. 
  • Differentiatie naar tijd en hoeveelheid
  • Differentiatie in moeilijkheid leesteksten.
  • Huiswerk kan verschillen naar hoeveelheid, inhoud of materiaal.

Wanneer we differentiëren zorgen we zeker dat de kinderen die weinig instructie nodig hebben zich niet vervelen. Deze gaan individueel aan de slag, verbeteren met de sleutel om daarna aan de slag te gaan met een extra taak of in het hoekenwerk. Dit stimuleert hun zelfstandig denken en werken. Een extra taak kan bestaan uit extra verdiepingsoefeningen uit de differentiatiemap ( Kompas blauwe scheurblok) of uitdagende denkoefeningen ( bv. Sterk Rekenwerk,Plustaken ,Sompex-opgaven...)

Voor bepaalde lessen worden ZIF aangeboden.(zelf-instructie-fiches)en contractwerk ,op maat van elk kind.

Er wordt ook veel gewerkt met MAG-en MOET-oefeningen en het BHV-model.

Ook bij huiswerk krijgt elk kind aangepaste oefeningen op zijn/haar niveau en tempo indien nodig.

Differentiatie van klas- en huistaken houdt in dat we ook in toetsen differentiëren. Dit doen we aan de hand van de THEMA-codes.

Als kinderen zelfstandig aan het werk zijn tijdens een knutselopdracht, dan kan het gebeuren dat de juf kinderen nog eens individueel bij zich roept om heel kort iets te remediëren.
 
Na iedere les wordt een korte evalutatie gehouden zodat de juf weet welk kind extra instructie extra inoefening of uitdaging nodig heeft. Op het einde van elke dag overleggen de parallelcollega's met elkaar bij welke lessen ze moeten differentiëren en hoe ze dit praktisch kunnen aanpakken. Dit kan zowel binnen de eigen klas als klasoverschrijdend worden aangepakt.

In dit handelen wordt de klastitularis bijgestaan en ondersteund door het zorgteam en het CLB.

Ons zorgteam bestaat uit de directie, de zorgcoördinator en 2 zorgjuffen: 1 voor de kleuters en 1 voor de lagere school.

Elk heeft binnen dit team zijn specifieke taak. De directeur heeft de algemene leiding van de school en houdt wekelijks overleg met de zorgcoördinator .

De zorgcoördinator neemt de coördinatie van alle zorginitiatieven op school op zich zodat een samenhangend geheel (en continïum) van zorg op onze school wordt ontwikkeld.

Ze is het aanspreekpunt voor ouders, leerkrachten en leerlingen en is eveneens de contactpersoon met externe diensten. De taak van de zorgcoördinator bevindt zich op 3 terreinen.
 
  1. Coördineren van alle zorginitiatieven op schoolniveau. Dit betekent erover waken dat we allen op een doelgerichte wijze en binnen een gedeelde visie op zorg met alle kinderen werken. Hierdoor ontstaat na verloop een meer duurzame manier van werken die gaat behoren tot de cultuur van onze school.
  2. Ondersteunen van het handelen van de leerkracht. Vooraan hierbij komt het coachen. Dit is samen zoeken naar opdrachten zodat leerkrachten meer zicht krijgen in de aard van de problemen en hun eigen rol daarin om ze aan te pakken. Door samen na te denken over problemen worden we deskundiger en gaan we beter om met verschillen tussen kinderen.
  3. Begeleiden en opvolgen van leerlingen ( individueel of in groepjes).

Het opvolgen gebeurt a.d.h. van ons Leerling-Volg-Systeem. In het zorgdossier worden alle revelante gegevens bijgehouden. Op het MDO zoeken we samen naar de beste oplossingen voor die bepaalde leerling in die bepaalde situatie.

Bij het individuele begeleiden gaat de aandacht dit schooljaar vooral naar lezen.

Zo wordt dagelijks kort gelezen met leerlingen die nog niet het verwachte leesniveau behaald hebben. Tijdens het hoekenwerk helpt ze in de leeshoek.

Ze begeleidt ook leerlingen die een individuele leerlijn volgen of die extra uitdaging nodig hebben.

De zorgjuf voor de kleuters staat in voor het individueel begeleiden van kleuters of het werken met groepen in de klas. Daarnaast is ze ook de GOK-leerkracht en staat in voor het opvolgen en helpen uitvoeren van de GOK-acties.

De zorgjuf voor de lagere school werkt vooral op niveau van de leerling. Ze staat in voor het differentiëren en remediëren in de lagere klassen .

Ze maakt materiaal aan voor differentiatiemomenten en begeleidt hoekenwerk, niveaulezen en tademlezen.

In het wekelijks overleguurtje van het zorgteam wordt alle informatie uitgewisseld, geëvalueerd en nieuwe zorgvragen besproken.

Ook de CLB-medewerker is een waardevolle partner in ons zorgbeleid. Tijdens het maandelijks overleg met de zorgcoördinator en op het MDO wordt ingegaan op specifieke vragen.

De CLB-medewerker kan aanvullende testen doen , oudergesprekken ondersteunen, leerlingen begeleiden...

Door beter tegemoet te komen aan hun noden zullen ze meer succes ervaren in wat ze leren. Op die manier draagt een goed zorgbeleid niet alleen bij tot het verhogen van de motivatie en het welbevinden van de leerlingen maar zorgt het er ook voor dat meer kinderen meer voordeel halen uit het aanbod op school.

Ze leren meer en beter. Zo krijgen meer kinderen de kans onderwijs te blijven volgen in een gewone school.

 

Sitemap   Privacyverklaring  

© Alle rechten voorbehouden - Basisschool Grotenberge | Powered by The eForum Factory